Springplank naar zelfstandige via een vennootschap — Zelfstandige & starter

Jouw all-in opstartpartner

Digitale of fysieke afspraak

Regel je oprichting via een digitale of fysieke afspraak.

Fiscaal en juridisch sterk

We beschikken over de kennis op zowel fiscaal als juridisch vlak om in elke situatie uit te blinken in aanpak en advies.

Persoonlijke aanpak

Het dossier wordt op maat klaargemaakt ter oprichting. Ieder oprichting is uniek.

Exit en vrijblijvend advies

Wij hanteren geen exit-clausules.

Springplank naar zelfstandige via een vennootschap

Zelfstandige & starter
Gepubliceerd op
11
August
2026

Springplank naar zelfstandige kan je toelaten om gedurende maximaal twaalf maanden een zelfstandige nevenactiviteit uit te bouwen met behoud van werkloosheidsuitkeringen, als je vooraf aan alle RVA-voorwaarden voldoet. Werk je via een vennootschap, dan blijven je mandaat, prestaties en inkomsten relevant. Laat je dossier daarom vóór de start individueel beoordelen.

Door Vincent

Wil je van werkzoekende doorgroeien naar voltijds ondernemer? Dan kan Springplank naar zelfstandige je tijdelijk ruimte geven om klanten te zoeken, je aanbod te verfijnen en omzet op te bouwen. De regeling is geen vrijblijvende proef en ook geen afzonderlijke ondernemingsvorm. Het is een maatregel binnen de werkloosheidsverzekering, met voorwaarden rond je activiteit, inkomsten en aangifte.

Voor ambitieuze ondernemers is vooral de voorbereiding belangrijk. Je moet niet alleen nagaan of je in aanmerking komt, maar ook kiezen tussen een eenmanszaak en een vennootschap, je financiële planning opstellen en bepalen wanneer je volledig zelfstandig wordt.

Wat is Springplank naar zelfstandige?

Springplank naar zelfstandige is een regeling van de RVA waarmee een uitkeringsgerechtigde werkzoekende onder voorwaarden een zelfstandige nevenactiviteit kan uitoefenen. Volgens de toelichtingen van Accountable en Dexxter duurt het voordeel maximaal twaalf maanden.

De periode begint op het moment dat het voordeel wordt toegekend. Onderbrekingen verlengen die maximale termijn in principe niet. Eindigt je recht op werkloosheidsuitkeringen eerder, dan kan ook de combinatie met Springplank stoppen.

Na afloop kies je doorgaans tussen:

  • stoppen met de zelfstandige activiteit;

  • de activiteit verderzetten binnen een ander toegelaten statuut;

  • de overstap maken naar zelfstandige in hoofdberoep.

De regeling is dus vooral geschikt als tijdelijke aanloop naar een duurzame onderneming. Ze is minder geschikt wanneer je zonder plan af en toe wat inkomsten wilt proberen te verdienen.

De belangrijkste voorwaarden

De RVA beoordeelt elk dossier afzonderlijk. Op basis van de geraadpleegde toelichtingen zijn onder meer de volgende voorwaarden belangrijk.

Je moet recht hebben op werkloosheidsuitkeringen

Springplank naar zelfstandige vervangt geen uitkering. Je moet eerst voldoen aan de gewone voorwaarden om werkloosheidsuitkeringen te ontvangen en beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt, behalve waar de RVA-regeling uitdrukkelijk anders bepaalt.

Je moet de activiteit vooraf aangeven

Je geeft de zelfstandige activiteit aan bij je uitbetalingsinstelling, zoals je vakbond of de Hulpkas voor Werkloosheidsuitkeringen. Daarvoor worden onder meer de formulieren C1 en C1C gebruikt.

Doe dit vóór je de activiteit begint. Wacht niet tot je eerste factuur. Ook voorbereidende of operationele handelingen kunnen relevant zijn voor de beoordeling van je startdatum. Bespreek daarom vooraf welke stappen je al mag zetten.

Je werkloosheid mag niet kunstmatig georganiseerd zijn

Je mag een baan in loondienst niet stopzetten of verminderen met als voornaamste bedoeling om via de regeling een uitkering met een zelfstandige activiteit te combineren. De RVA kan de omstandigheden van je werkloosheid onderzoeken.

De activiteit moet bijkomstig blijven

De RVA beoordeelt of je zelfstandige activiteit tijdens de Springplank-periode nog een nevenactiviteit is. Daarbij kan niet alleen het aantal uren een rol spelen, maar ook de aard, organisatie, inkomsten en omvang van de onderneming.

Een snelle groei is commercieel positief, maar kan gevolgen hebben voor je dossier. Zodra de activiteit feitelijk het karakter van een hoofdberoep krijgt, moet je laten beoordelen of de combinatie nog mogelijk is.

Een eerdere hoofdactiviteit kan een belemmering zijn

Volgens de geraadpleegde bronnen mag je de betrokken zelfstandige activiteit tijdens een voorafgaande periode van zes jaar niet als hoofdberoep hebben uitgeoefend. De precieze toepassing hangt af van je persoonlijke voorgeschiedenis en moet je met je uitbetalingsinstelling of de RVA verifiëren.

Was je al zelfstandige in bijberoep vóór je werkloosheid? Dan kunnen andere regels voor een bestaande nevenactiviteit gelden. Ga er niet automatisch van uit dat Springplank de juiste of enige regeling is.

Wat gebeurt er met je uitkering en inkomsten?

Springplank betekent niet dat alle inkomsten onbeperkt boven op je uitkering komen. De RVA kan je uitkering verminderen op basis van het netto belastbare beroepsinkomen uit je zelfstandige activiteit.

Er geldt een geïndexeerde vrijstellingsgrens. Omdat die grens en de berekeningsregels kunnen wijzigen, vermelden we hier geen bedrag zonder actuele officiële bevestiging. Vraag vóór je start welke inkomsten meetellen en hoe de verrekening gebeurt.

De definitieve beroepsinkomsten zijn vaak pas later bekend via de fiscale gegevens. Daardoor kan een latere herberekening of terugvordering volgen. Zet dus niet je volledige ontvangen uitkering of winst vast in investeringen.

Hou vanaf de eerste dag minstens het volgende bij:

  • je omzet en ontvangen betalingen;

  • beroepskosten en bewijsstukken;

  • privé-opnames en vergoedingen;

  • de tijd die je aan de activiteit besteedt;

  • contracten, offertes en facturen;

  • eventuele inkomsten of voordelen uit een vennootschap.

Kan je Springplank gebruiken via een vennootschap?

Een zelfstandige activiteit via een vennootschap is niet automatisch uitgesloten, maar vraagt extra voorzichtigheid. Een bestuurdersmandaat en de prestaties die je voor de vennootschap levert, kunnen voor de RVA als een zelfstandige activiteit gelden. Dat kan ook het geval zijn wanneer je jezelf nog geen bezoldiging uitkeert.

Een onbezoldigd mandaat betekent dus niet automatisch dat er geen activiteit of inkomen is waarmee rekening moet worden gehouden. Laat vóór de oprichting schriftelijk verduidelijken hoe de RVA je mandaat, werkzaamheden en inkomsten zal beoordelen.

Bespreek daarnaast met een sociaal verzekeringsfonds onder welk sociaal statuut je aansluit en welke voorlopige bijdragen verschuldigd zijn. De combinatie van werkloosheidsuitkeringen en een zelfstandige activiteit heeft eigen voorwaarden; het etiket “bijberoep” alleen volstaat niet.

Wanneer is een BV een logische keuze?

Een BV kan passen wanneer je onderneming van bij de start meer nodig heeft dan een eenvoudige test. Denk aan belangrijke contractuele risico’s, meerdere oprichters, externe investeringen, personeel of een plan om structureel winst in de onderneming te houden.

Een BV heeft rechtspersoonlijkheid en een eigen vermogen, maar biedt geen absolute afscherming van je privévermogen. Persoonlijke waarborgen, bestuursfouten, oprichtersaansprakelijkheid en onvoldoende aanvangsvermogen kunnen tot persoonlijke gevolgen leiden.

Voor de oprichting van een BV zijn onder meer een financieel plan, een notariële oprichtingsakte en voldoende aanvangsvermogen nodig. Er is geen algemeen wettelijk minimumbedrag dat voor elke BV volstaat. Het voorziene vermogen moet redelijkerwijs passen bij de geplande activiteit en de financiële behoeften van de eerste periode.

Lees meer over de praktische stappen op onze pagina over een BV oprichten.

Wanneer begin je beter met een eenmanszaak?

Een eenmanszaak is doorgaans eenvoudiger om op te starten en stop te zetten. Ze kan daarom geschikt zijn wanneer je tijdens de Springplank-periode vooral je aanbod, prijszetting en klantenmarkt wilt valideren.

Daar staat tegenover dat er geen aparte rechtspersoon tussen jou en de activiteit staat. Zakelijke schulden behoren in beginsel tot je persoonlijke vermogen, rekening houdend met eventuele wettelijke beschermingsmechanismen en hun voorwaarden.

Een vennootschap is ook niet automatisch fiscaal voordeliger. Dat hangt onder meer af van je winst, bezoldiging, privébehoeften, investeringen en toekomstplannen. Actuele fiscale tarieven en voorwaarden moeten bij de effectieve keuze worden geverifieerd.

Bekijk daarom eerst de bredere vergelijking tussen een eenmanszaak en een vennootschap.

Een praktisch stappenplan voor een serieuze overstap

1. Laat je toelating vooraf beoordelen

Leg je geplande activiteit, startdatum en eventuele vennootschapsstructuur voor aan je uitbetalingsinstelling. Vraag welke documenten nodig zijn en wacht niet tot na de oprichting of eerste prestatie.

2. Bouw een financieel plan

Maak een realistische raming van omzet, vaste kosten, sociale bijdragen, belastingen, verzekeringen en privé-uitgaven. Werk met meerdere scenario’s. Hou ook rekening met een mogelijke latere verrekening van uitkeringen.

3. Kies je rechtsvorm op basis van je plan

Kies niet uitsluitend op basis van belastingen. Kijk ook naar risico’s, administratie, investeringen, partners, financiering en de winst die je privé nodig hebt.

4. Regel je inschrijvingen

Afhankelijk van je activiteit moet je onder meer langs een ondernemingsloket voor inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen, je btw-activatie regelen en aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds. Voor gereglementeerde activiteiten kunnen bijkomende vergunningen of beroepsvoorwaarden gelden.

5. Organiseer je boekhouding vanaf dag één

Gebruik een afzonderlijke zakelijke rekening en bewaar ieder bewijsstuk. Werk je via een vennootschap, vermeng dan geen privé-uitgaven met vennootschapsmiddelen. Stem vergoedingen, kosten en eventuele bezoldiging vooraf af met je accountant.

6. Bepaal vooraf je overstapmoment

Wacht niet tot de twaalf maanden voorbij zijn. Leg meetpunten vast, zoals terugkerende omzet, een gevulde verkooppijplijn, voldoende marge en een financiële buffer. Beslis enkele maanden vóór het einde of je stopt, bijstuurt of als zelfstandige in hoofdberoep doorgaat.

Veelgemaakte fouten

  • Te vroeg beginnen: prestaties uitvoeren of factureren vóór de aangifte kan je dossier bemoeilijken.

  • Omzet verwarren met beschikbaar inkomen: van je omzet moeten nog kosten, bijdragen en belastingen af.

  • Geen rekening houden met een herberekening: de RVA kan later fiscale gegevens gebruiken om je uitkering definitief te berekenen.

  • Een BV oprichten zonder voldoende plan: een vennootschap brengt vaste administratie, boekhouding en juridische verplichtingen mee.

  • Geen bezoldiging gelijkstellen aan geen activiteit: je mandaat en feitelijke prestaties blijven relevant.

  • De einddatum vergeten: Springplank is tijdelijk en wordt niet vanzelf een statuut in hoofdberoep.

Springplank als voorbereiding op een echte onderneming

Voor wie bewust een ondernemersloopbaan wil opbouwen, kan Springplank waardevolle tijd bieden. Gebruik die periode niet alleen om losse opdrachten aan te nemen. Bouw een herhaalbaar aanbod, betrouwbare administratie en een realistische verkoopplanning.

De juiste rechtsvorm volgt uit dat plan. Een eenmanszaak kan een efficiënte testomgeving zijn. Een BV kan passen wanneer risico’s, investeringen, samenwerking of groei dat verantwoorden. In beide gevallen moet de structuur verenigbaar zijn met je RVA-dossier.

Laat daarom vóór je start drie onderdelen samen beoordelen: je recht op de maatregel, je sociaal statuut en je juridische en fiscale structuur. Zo vermijd je dat een commerciële keuze onverwachte gevolgen heeft voor je uitkering.


Klaar om je vennootschap correct te starten? Meesters Accountants denkt graag mee, van oprichting tot groei. Neem vrijblijvend contact op.

Vincent Meesters
Ondernemer en fiscaal accountant