Jouw all-in opstartpartner
Regel je oprichting via een digitale of fysieke afspraak.
We beschikken over de kennis op zowel fiscaal als juridisch vlak om in elke situatie uit te blinken in aanpak en advies.
Het dossier wordt op maat klaargemaakt ter oprichting. Ieder oprichting is uniek.
Wij hanteren geen exit-clausules.
Bijberoep zelfstandige vennootschap

Voor een zelfstandige in bijberoep is een eenmanszaak fiscaal zelden de gunstigste keuze. De winst uit je bijberoep komt bovenop je hoofdberoep en wordt daardoor tegen je hoogste, marginale tarief in de personenbelasting belast.
De inkomsten uit je hoofdberoep vullen de onderste schijven van de personenbelasting al op. Elke euro winst uit je bijberoep stapelt daarbovenop en valt dus in je hoogste schijf.
Het gaat om je gezamenlijk belastbare inkomen (beroepsinkomen en onroerende inkomsten samen), verdeeld over de progressieve schijven. Onderstaande tarieven gelden voor aanslagjaar 2026 (inkomsten 2025); de bedragen worden jaarlijks geindexeerd (art. 130 en art. 131 WIB 92).
| Belastingschijf | Inkomensschijf | Tarief belasting |
|---|---|---|
| Schijf 1 | € 0 tot € 16.320 | 25% |
| Schijf 2 | € 16.320 tot € 28.800 | 40% |
| Schijf 3 | € 28.800 tot € 49.840 | 45% |
| Schijf 4 | Meer dan € 49.840 | 50% |
De eerste schijf van het inkomen blijft door de belastingvrije som (€ 10.910 voor aanslagjaar 2026) in de praktijk onbelast. Bovenop deze schijven komt nog de aanvullende gemeentebelasting (gemiddeld ongeveer 7% van de verschuldigde personenbelasting). De schijftarieven gelden dus op je gezamenlijke inkomen, niet als een vlak gemiddelde.
Waarom je marginale tarief telt. Zit je hoofdberoep al in de schijf van 45% (vanaf € 28.800), dan wordt elke euro winst uit je bijberoep aan minstens 45% belast, en boven € 49.840 zelfs aan 50%. Een concreet voorbeeld: verdien je € 35.000 in hoofdberoep en maak je daarbovenop € 10.000 winst in bijberoep, dan valt die volledige € 10.000 in de schijf van 45%. Dat betekent € 4.500 extra personenbelasting (nog exclusief gemeentebelasting) op € 10.000 winst. Je hoeft dus geen hoog inkomen te hebben om in de hogere schijven terecht te komen. Vergelijk je jaarinkomen met bovenstaande tabel en de conclusie ligt snel voor de hand.
Naast de personenbelasting betaal je op je winst uit bijberoep ook sociale bijdragen. Voor een zelfstandige in hoofdberoep bedragen die 20,5% als basistarief op het netto belastbaar beroepsinkomen, degressief naar 14,16% boven een jaarlijks geindexeerde inkomensgrens, en boven een jaarlijks geindexeerd plafond zijn geen bijdragen meer verschuldigd. De combinatie van personenbelasting en sociale bijdragen maakt dat een groot deel van je bijkomende winst wegvloeit.
Het alternatief: een vennootschap. Breng je je activiteit onder in een vennootschap, dan wordt de winst niet in de personenbelasting maar in de vennootschapsbelasting belast. Het standaardtarief bedraagt 25%. Het verlaagd KMO-tarief van 20% geldt enkel op de eerste € 100.000 winst, en enkel wanneer je een kleine vennootschap bent (art. 1:24 WVV) en de bedrijfsleider een minimumbezoldiging van € 50.000 per jaar opneemt (vanaf inkomstenjaar 2026), met voordelen van alle aard van maximaal 20% van die bezoldiging. Voldoe je niet aan die voorwaarde, dan geldt ook op die eerste schijf het tarief van 25%. Voor startende vennootschappen (de eerste vier boekjaren) geldt de bezoldigingsvoorwaarde niet (art. 215 WIB 92).
De vennootschap zelf betaalt geen sociale bijdragen op haar winst. Als bedrijfsleider betaal je die uiteraard wel op de bezoldiging die je jezelf toekent. Het voordeel zit dus niet in het vermijden van sociale bijdragen, maar in de manier waarop je je vergoeding structureert: een combinatie van bezoldiging, gereserveerde winst en latere uitkering tegen een gunstiger regime.
Uitkering tegen een gunstig tarief. Winst die je in de vennootschap houdt en later uitkeert, kan via twee regimes fiscaalvriendelijk worden uitgekeerd. Bij VVPR-bis daalt de roerende voorheffing op dividenden geleidelijk: 30% als startpunt, 20% als tussenstap in het derde boekjaar, en een eindtarief van 18% vanaf het vierde volledige boekjaar na de inbreng. Dit geldt enkel voor kleine vennootschappen met VVPR-bis-conforme statuten (art. 269 WIB 92). Via de liquidatiereserve leg je bij de aanleg 10% afzonderlijke aanslag opzij (art. 184quater WIB 92); keer je de reserve na een wachttijd van 3 jaar uit, dan betaal je nog 9,8% roerende voorheffing. Reserves uit boekjaren die vanaf 31 december 2025 worden afgesloten, vallen onder deze verkorte wachttijd van 3 jaar; oudere reserves houden de wachttijd van 5 jaar (uitkering tegen 5%). Bij vereffening van de vennootschap is de uitkering vrij van roerende voorheffing. De effectieve druk op via de liquidatiereserve uitgekeerde winst komt zo neer op ongeveer 18,8%.
Tot onze spijt merken we dat starters in bijberoep nog vaak een eenmanszaak wordt aangeraden, ook wanneer een vennootschap fiscaal duidelijk voordeliger is. Wij zetten daar bewust op in met correcte begeleiding en scherpe tarieven voor de oprichting. Of een vennootschap in jouw situatie loont, hangt af van je verwachte winst, je bezoldigingsstrategie en je uitkeringsplannen. Een vennootschap wordt doorgaans pas interessant vanaf een structurele winst waarbij je de KMO-voorwaarden en de bezoldiging van € 50.000 kunt dragen.
Onvoldoende aanvangsvermogen? Voor de commanditaire vennootschap (CommV) en de vennootschap onder firma (VOF) is er geen minimumkapitaal vereist. Deze vormen kennen beperkte formaliteiten. Houd er wel rekening mee dat de vennoten in een VOF onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijk zijn; wij raden deze vorm zelden aan. Ook in een CommV is de beherende (gecommanditeerde) vennoot onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijk. Enkel de stille vennoot is beperkt tot zijn inbreng, en die bescherming vervalt zodra hij bestuursdaden stelt. Een BV blijft in de meeste gevallen de aangewezen keuze, ook omdat je aansprakelijkheid er in principe beperkt is tot je inbreng.
Wil je weten of een vennootschap in jouw situatie de betere keuze is? Bezorg ons je gegevens via onze digitale intake, dan bekijken we je dossier gericht. Twijfel je nog of heb je een bestaande structuur die je wil optimaliseren, dan kan dat via een betaald adviesgesprek (€ 100 excl. btw per uur). De concrete oprichtingstarieven en de twee notarisroutes vind je op onze Prijzen-pagina.
Compliance & review
- Laatste review: 6 juli 2026
- Reviewer: Vincent Meesters (ITAA 50.621.367), met fiscale-review door Nathalie De Bast (ITAA)
- Bronnen: art. 130-131 WIB 92 (schijven personenbelasting), art. 215 WIB 92 (KMO-tarief vennootschapsbelasting), art. 269 WIB 92 (VVPR-bis), art. 184quater WIB 92 (liquidatiereserve), art. 1:24 WVV (kleine vennootschap). Bedragen aanslagjaar 2026 (inkomsten 2025), jaarlijks geindexeerd.
- Voorbehoud: Dit artikel is informatief en geen juridisch of fiscaal advies op maat. Neem voor uw specifieke situatie contact op met een ITAA-erkend accountant.
Vincent Meesters
Ondernemer en fiscaal accountant


