
Jouw all-in opstartpartner
Regel je oprichting via een digitale of fysieke afspraak.
We beschikken over de kennis op zowel fiscaal als juridisch vlak om in elke situatie uit te blinken in aanpak en advies.
Het dossier wordt op maat klaargemaakt ter oprichting. Ieder oprichting is uniek.
Wij hanteren geen exit-clausules.
Criteria voor micro-, kleine en middelgrote ondernemingen in België
Wanneer je een vennootschap opricht, word je automatisch ingedeeld in een bepaalde groottecategorie. Dat klinkt technisch, maar het is belangrijk: jouw categorie bepaalt hoeveel administratie je hebt, welke jaarrekening je moet neerleggen en van welke fiscale regelingen je gebruik kunt maken.
Het Belgisch vennootschaps- en boekhoudrecht (Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, WVV) kent voor vennootschappen twee wettelijke groottecategorieen met eigen drempels: de micro-vennootschap (art. 1:25 WVV) en de kleine vennootschap (art. 1:24 WVV). Een vennootschap die niet meer als klein kwalificeert, is per definitie een grote vennootschap. De term "middelgrote onderneming" wordt in de praktijk vaak gebruikt, maar bestaat als afzonderlijke statutaire categorie niet in het WVV.
Hieronder leggen we per categorie uit waar je als beginnende ondernemer staat en wat dat concreet betekent.
1. Hoe wordt jouw categorie bepaald?
De wet kijkt naar drie criteria, gemeten op de balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar:
- Jaargemiddelde van het personeelsbestand, uitgedrukt in voltijdse equivalenten (VTE)
- Jaaromzet exclusief btw
- Balanstotaal (de omvang van je actief)
Regel: een vennootschap is micro of klein zolang ze op de balansdatum maximaal een van de drie drempels overschrijdt. Overschrijd je er twee of drie, dan val je in de hogere categorie.
Een starter wordt bij oprichting ingedeeld op basis van een gefundeerde inschatting in het financieel plan. Je hoeft dus niet eerst een volledig boekjaar af te wachten om te weten welk schema van toepassing is.
2. Categorie 1: de micro-vennootschap
De meeste starters vallen hier automatisch in.
Je bent een micro-vennootschap (art. 1:25 WVV) zolang je op de balansdatum maximaal een van deze drempels overschrijdt:
- Personeel (jaargemiddelde in VTE): 10
- Jaaromzet excl. btw: €900.000
- Balanstotaal: €450.000
Voordelen voor starters
- Je mag de meest beknopte jaarrekening neerleggen (microschema)
- De boekhoudkundige rapporteringslast blijft beperkt
- Geschikt voor startende BV's, freelancers die overstappen naar een vennootschap, en kleine teams
3. Categorie 2: de kleine vennootschap
Groeit je vennootschap gestaag, dan kom je doorgaans in de categorie "klein" terecht.
Je blijft een kleine vennootschap (art. 1:24 WVV) zolang je op de balansdatum maximaal een van deze criteria overschrijdt:
- Personeel (jaargemiddelde in VTE): 50
- Jaaromzet excl. btw: €11.250.000
- Balanstotaal: €6.000.000
Wat dit betekent voor jonge vennootschappen
- Verkort jaarrekeningschema
- Geen verplichte commissaris/audit, behalve wanneer je deel uitmaakt van een groep of in een specifiek gereglementeerde sector actief bent
- Toegang tot fiscale regelingen die vaak aan het "klein"-statuut gekoppeld zijn, zoals:
- de investeringsaftrek (basisaftrek 10%, en tot 40% voor bepaalde digitale en groene investeringen onder de regeling vanaf 2025)
- het verlaagd tarief vennootschapsbelasting van 20% op de eerste €100.000 winst (zie sectie 5 voor de voorwaarden)
- gunstiger dividenduitkering via VVPR-bis, mits aan alle voorwaarden is voldaan
Voor veel ondernemers is "klein" de categorie waarin de eerste echte groeijaren zich afspelen.
4. Categorie 3: de grote vennootschap
Overschrijd je gedurende twee opeenvolgende boekjaren meer dan een van de "klein"-criteria, dan word je een grote vennootschap. Er is in het WVV geen tussencategorie "middelgroot" met eigen drempels: je bent ofwel klein, ofwel groot.
Ter volledigheid: de drempels van 250 werknemers, €50.000.000 omzet en €43.000.000 balanstotaal die je soms ziet circuleren, komen uit de Europese boekhoudrichtlijn en dienen daar om een "middelgrote" van een "grote" onderneming te onderscheiden voor Europese rapporteringsdoeleinden. Voor de Belgische indeling klein/groot onder het WVV zijn ze niet de maatstaf.
Startende vennootschappen komen zelden meteen in de categorie "groot" terecht: dat is doorgaans pas relevant na meerdere jaren groei.
Aandachtspunten voor grote vennootschappen:
- Uitgebreid (volledig) jaarrekeningschema
- Mogelijke verplichting tot benoeming van een commissaris
- Meer rapporteringsverplichtingen
5. Fiscale gevolgen van je grootte in 2026
Je groottecategorie is niet enkel administratief: verschillende fiscale regelingen zijn voorbehouden aan de kleine vennootschap. De belangrijkste voor starters:
Verlaagd tarief vennootschapsbelasting (20%)
Een kleine vennootschap betaalt 20% vennootschapsbelasting op de eerste €100.000 belastbare winst (daarboven geldt het standaardtarief van 25%). Dat verlaagd tarief is echter niet automatisch. Het geldt alleen als je als vennootschap aan een bestuurder-natuurlijke persoon een minimumbezoldiging van €50.000 per jaar toekent (bedrag vanaf inkomstenjaar 2026, voordien €45.000), waarbij de voordelen van alle aard maximaal 20% van die bezoldiging mogen uitmaken. Voldoe je niet aan die bezoldigingsvoorwaarde, dan is het volledige resultaat aan 25% belast. Startende vennootschappen zijn de eerste vier boekjaren van deze bezoldigingsvoorwaarde vrijgesteld.
VVPR-bis: lager tarief op dividenden
Onder het VVPR-bis-stelsel kan een kleine vennootschap dividenden uitkeren aan een verlaagde roerende voorheffing. Het is geen onmiddellijk voordeel: het eindtarief van 18% geldt pas op dividenden die worden uitgekeerd vanaf het vierde volledige boekjaar na dat van de inbreng. Op dividenden uit een eerder boekjaar geldt het standaardtarief van 30%, met 20% als tussenstap in het derde boekjaar. VVPR-bis vereist bovendien nieuwe aandelen op naam, volledige volstorting en een reeks statutaire voorwaarden.
Liquidatiereserve
Een kleine vennootschap kan een deel van haar winst reserveren als liquidatiereserve. Bij de aanleg betaal je een afzonderlijke aanslag van 10% (art. 184quater WIB 92). Keer je die reserve later als dividend uit na een wachttijd van drie jaar (nieuw regime, voor reserves uit boekjaren afgesloten vanaf 31 december 2025), dan bedraagt de roerende voorheffing nog 9,8%. Bij een uitkering binnen de wachttijd loopt het tarief op tot 30% (of 20% onder het oude regime), en bij vereffening van de vennootschap is de uitkering vrij van roerende voorheffing.
Deze cijfers zijn regelingen met strikte voorwaarden. Voor de concrete impact op jouw situatie plan je best een adviesgesprek in.
6. Groeit je onderneming? Zo verandert je categorie
Je categorie wijzigt niet bij de eerste piek in omzet of tewerkstelling. De overgang gebeurt pas wanneer je gedurende twee opeenvolgende boekjaren meer dan een criterium overschrijdt (het zogenaamde vertragingseffect). Voor starters betekent dit dat je categorie pas verandert wanneer je groei structureel wordt, niet bij een eenmalige uitschieter.
7. Waarom je categorie belangrijk is als starter
Administratie en kosten
Hoe kleiner je categorie, hoe beperkter je rapporteringsverplichtingen en hoe eenvoudiger je boekhouding.
Fiscale regelingen
Kleine en micro-vennootschappen kunnen gebruikmaken van regelingen die je cashflow in de eerste jaren ondersteunen, mits aan de voorwaarden is voldaan.
Realistische groei-inschatting
Je financieel plan moet uitgaan van de juiste categorie. Anders wek je verkeerde verwachtingen bij je bank, investeerders of partners, of ga je uit van fiscale voordelen waar je (nog) geen recht op hebt.
8. Zijn de drempels stabiel in 2026?
De micro- en klein-drempels werden geactualiseerd door het koninklijk besluit van 27 maart 2024 en zijn in 2026 nog steeds van toepassing. Wettelijke drempels kunnen bij een volgende actualisatie wijzigen, dus we geven geen garantie over de jaren heen: raadpleeg bij twijfel de actuele wettekst of je accountant. Voor de meeste starters blijft de praktische boodschap dezelfde: je begint zo goed als altijd als micro- of kleine vennootschap.
Start je een vennootschap?
OndernemingOprichten.be is een platform van Meesters Accountants (ITAA-erkend) dat oprichters begeleidt bij:
- het opstellen van het financieel plan
- de keuze tussen eenmanszaak en vennootschap
- de juiste groottecategorie en de bijhorende verplichtingen
- de digitale oprichting van je vennootschap
- alle fiscale en administratieve stappen
Wil je de kostprijs inschatten?
Gebruik onze BV-kostprijs calculator of bekijk de Prijzen-pagina voor de volledige scope per oprichtingsroute.
Wil je je dossier laten screenen of een concrete vraag voorleggen? Start onze digitale intake of plan een adviesgesprek (€100 excl. btw per uur). Zo krijg je meteen een gekwalificeerd antwoord op maat van jouw situatie.
Compliance & review
- Laatste review: 6 juli 2026
- Reviewer: Vincent, met fiscale-review door Nathalie
- Bronnen: art. 1:24 en 1:25 WVV (groottecriteria); KB 27 maart 2024 (drempelactualisatie); art. 184quater WIB 92 (liquidatiereserve); regeling VVPR-bis en verlaagd tarief vennootschapsbelasting (WIB 92)
- Voorbehoud: Dit artikel is informatief en vormt geen juridisch of fiscaal advies op maat. Neem voor jouw specifieke situatie contact op met een ITAA-erkend accountant.
Vincent Meesters
Ondernemer en fiscaal accountant


