
Jouw all-in opstartpartner
Regel je oprichting via een digitale of fysieke afspraak.
We beschikken over de kennis op zowel fiscaal als juridisch vlak om in elke situatie uit te blinken in aanpak en advies.
Het dossier wordt op maat klaargemaakt ter oprichting. Ieder oprichting is uniek.
Wij hanteren geen exit-clausules.
Hoeveel belasting op loon zelfstandige?
Vraag je je af hoeveel belasting een zelfstandige betaalt op zijn of haar inkomsten? Dit artikel zet de tarieven voor aanslagjaar 2026 (inkomsten 2025) op een rij en legt uit hoe je met een vennootschap fiscaal efficienter kunt werken.
Een zelfstandige die als natuurlijke persoon (eenmanszaak) werkt, volgt dezelfde progressieve tarieven in de personenbelasting als een werknemer. Het grote verschil zit in de sociale bijdragen en in de optimalisatiemogelijkheden. Wie via een vennootschap werkt, kan de manier waarop inkomen wordt opgenomen sturen en zo de gemiddelde druk verlagen.
Personenbelasting: de schijven voor aanslagjaar 2026
De personenbelasting werkt met progressieve schijven: elk deel van je belastbaar inkomen wordt belast tegen het tarief van de schijf waarin dat deel valt. Je betaalt dus niet je hoogste tarief op je volledige inkomen. Voor aanslagjaar 2026 (inkomsten 2025) gelden onderstaande grenzen. Deze bedragen worden jaarlijks geindexeerd.
- op de schijf van het belastbaar inkomen tot € 16.320 betaal je 25%
- op de schijf van € 16.320 tot € 28.800 betaal je 40%
- op de schijf van € 28.800 tot € 49.840 betaal je 45%
- op het belastbaar inkomen vanaf € 49.840 betaal je 50%
Belangrijke nuance: iedereen heeft recht op een belastingvrije som van € 10.910 (aanslagjaar 2026). Over dat eerste deel van je inkomen betaal je in principe geen belasting. De effectieve druk op lagere en gemiddelde inkomens ligt daardoor merkelijk lager dan de brutotarieven op het eerste gezicht suggereren. Bovenop de personenbelasting komt nog de gemeentelijke opcentiem (gemiddeld ongeveer 7% van de verschuldigde belasting).
Sociale bijdragen als zelfstandige
De sociale bijdragen zijn geen vaste opslag op de personenbelasting, maar een aparte berekening op je netto belastbaar beroepsinkomen. Voor een zelfstandige in hoofdberoep bedraagt de basisbijdrage ongeveer 20,5%. Boven een jaarlijks geindexeerde inkomensgrens daalt het tarief degressief tot ongeveer 14,16%, en boven een jaarlijks geindexeerd plafond betaal je geen bijkomende bijdragen meer. Er geldt een minimumbijdrage van ongeveer € 890 per kwartaal, ook wanneer je inkomen (tijdelijk) laag is. Deze sociale bijdragen zijn zelf aftrekbaar als beroepskost.
Waarom een vennootschap fiscaal interessant kan zijn
Wie als eenmanszaak werkt, betaalt op de volledige winst personenbelasting en sociale bijdragen. In een vennootschap kun je zelf bepalen welk deel van de winst je als bezoldiging opneemt en welk deel je in de vennootschap laat. Een lagere maandelijkse opname betekent minder loon als beroepskost en dus meer winst in de vennootschap. Die winst wordt eerst belast in de vennootschapsbelasting en kan daarna via een dividend of via de liquidatiereserve worden uitgekeerd, doorgaans tegen een lagere gecombineerde druk dan de top van de personenbelasting.
Vennootschapsbelasting: 20% of 25%
Het standaardtarief in de vennootschapsbelasting is 25%. Een kleine vennootschap kan genieten van het verlaagd tarief van 20% op de eerste € 100.000 winst, maar enkel als de vennootschap aan de bedrijfsleider een minimumbezoldiging van € 50.000 per jaar toekent (vanaf inkomstenjaar 2026, voordien € 45.000) en de voordelen van alle aard niet meer dan 20% van die bezoldiging bedragen. Wordt die voorwaarde niet gehaald, dan geldt 25% op de volledige winst. Startende vennootschappen zijn tijdens de eerste vier boekjaren vrijgesteld van deze bezoldigingsvoorwaarde.
Dividend uitkeren: VVPR-bis
Op een gewoon dividend geldt in principe 30% roerende voorheffing. Via het VVPR-bis-regime kan dat tarief zakken tot 18% als eindtarief vanaf het vierde volledige boekjaar na de inbreng. Het regime kent een opbouw: 30% in de eerste boekjaren, 20% als tussenstap voor dividenden uit het derde boekjaar, en 18% pas vanaf het vierde boekjaar. VVPR-bis geldt bovendien enkel voor een kleine vennootschap waarvan de aandelen bij oprichting (of kapitaalverhoging) volledig zijn volstort en die aan de statutaire voorwaarden voldoet. Het is dus geen onmiddellijk of onvoorwaardelijk tarief.
Liquidatiereserve
Een tweede route is de liquidatiereserve. Bij de aanleg betaalt de vennootschap een afzonderlijke aanslag van 10% (artikel 184quater WIB 92, ongewijzigd). Keer je de reserve nadien uit als dividend, dan geldt sinds de Programmawet 2026 nog 9,8% roerende voorheffing (voorheen 6,5%), op voorwaarde dat je een wachttijd van 3 jaar respecteert. Die wachttijd is verkort van 5 naar 3 jaar voor reserves uit boekjaren afgesloten vanaf 31 december 2025; voor oudere reserves geldt de overgangsregeling van 5 jaar aan 5% RV. Uitkering voor de wachttijd wordt zwaarder belast (30% onder het nieuwe regime, 20% onder het oude). Wordt de reserve pas bij de vereffening van de vennootschap uitgekeerd, dan is er geen bijkomende roerende voorheffing meer verschuldigd. Op de reserve zelf komt de gecombineerde druk zo op ongeveer 18,8%, waardoor je netto ongeveer 81% overhoudt (los van de eerder betaalde vennootschapsbelasting).
Een concreet rekenvoorbeeld
Stel dat je vennootschap € 30.000 extra winst maakt en je overweegt of je die opneemt als bijkomend loon dan wel laat renderen en later als dividend uitkeert. De cijfers zijn illustratief en vereenvoudigd (marginaal tarief, exclusief gemeentebelasting en persoonlijke aftrekposten).
- Als bijkomend loon: op € 30.000 betaal je eerst ongeveer € 6.150 sociale bijdragen (20,5%); op het saldo van ongeveer € 23.850 komt de personenbelasting in de toptariefschijf van 45% (ongeveer € 10.730) plus gemeentebelasting. Je houdt netto ruwweg € 12.000 tot € 12.500 over.
- Als dividend via VVPR-bis (18%): op € 30.000 winst betaalt de vennootschap eerst vennootschapsbelasting. Aan het KMO-tarief van 20% (met de bezoldigingsvoorwaarde van € 50.000 vervuld) blijft € 24.000 over; na 18% roerende voorheffing hou je netto ongeveer € 19.680 over. Aan het standaardtarief van 25% blijft € 22.500 over en na 18% roerende voorheffing ongeveer € 18.450.
De dividendroute levert in dit voorbeeld dus duidelijk meer netto op dan een bijkomende bezoldiging in de toptariefschijf. Het exacte voordeel hangt af van je totale inkomen, de vervulde voorwaarden en je persoonlijke situatie. Voor een berekening op maat verwijzen we je naar een adviesgesprek.
Beroepskosten als zelfstandige
Een zelfstandige mag beroepskosten aftrekken die verband houden met het behalen of behouden van beroepsinkomsten (artikel 49 WIB 92). Die finaliteitsvoorwaarde is de kern: kosten moeten een aantoonbare band met de beroepsactiviteit hebben. Een werknemer kan in principe ook zijn werkelijke kosten bewijzen in plaats van het wettelijk kostenforfait, maar in de praktijk is dat vaak omslachtig en aanleiding tot discussie met de fiscus.
Niet alle kosten zijn volledig aftrekbaar. De Belgische fiscaliteit kent een reeks aftrekbeperkingen, onder meer voor autokosten, receptie- en restaurantkosten en kosten van gemengd gebruik. De kunst is om samen met je accountant af te tasten welke mogelijkheden er voor jouw situatie bestaan en welke bewijsstukken je nodig hebt.
Wil je weten of een vennootschap voor jou fiscaal voordeliger uitvalt dan een eenmanszaak? Bekijk onze Prijzen-pagina voor het volledige overzicht van onze begeleiding, of boek een adviesgesprek (€ 100 excl. btw per uur) voor een berekening op maat.
Compliance & review
- Laatste review: 6 juli 2026
- Reviewer: Vincent, met fiscale-review door Nathalie
- Bronnen: personenbelasting-schijven en belastingvrije som AJ2026 (art. 130 & 131 WIB 92); vennootschapsbelasting verlaagd tarief en bezoldigingsvoorwaarde (art. 215 WIB 92); VVPR-bis (art. 269 §2 WIB 92); liquidatiereserve (art. 184quater & 269 §1, 8° WIB 92); beroepskosten (art. 49 WIB 92).
- Voorbehoud: Dit artikel is informatief en geen juridisch of fiscaal advies op maat. Cijfers zijn geindexeerd per aanslagjaar 2026 en illustratief. Neem voor uw specifieke situatie contact op met een ITAA-erkend accountant.
Vincent Meesters
Ondernemer en fiscaal accountant


