Beperkte en onbeperkte aansprakelijkheid: wat is het verschil bij vennootschappen – juridische structuur bij ondernemingoprichten.be

Jouw all-in opstartpartner

Digitale of fysieke afspraak

Regel je oprichting via een digitale of fysieke afspraak.

Fiscaal en juridisch sterk

We beschikken over de kennis op zowel fiscaal als juridisch vlak om in elke situatie uit te blinken in aanpak en advies.

Persoonlijke aanpak

Het dossier wordt op maat klaargemaakt ter oprichting. Ieder oprichting is uniek.

Exit en vrijblijvend advies

Wij hanteren geen exit-clausules.

Beperkte en onbeperkte aansprakelijkheid: wat is het verschil bij vennootschappen?

Vennootschapsrecht
BV
CommV
NV
VOF
Gepubliceerd op
05
November
2025

Beperkte en onbeperkte aansprakelijkheid: wat is het verschil?

Wanneer je een vennootschap opricht, kom je al snel in aanraking met twee belangrijke begrippen: beperkte en onbeperkte aansprakelijkheid. Deze termen verwijzen naar het risico dat jij als ondernemer loopt bij financiele problemen of schulden binnen de vennootschap.

In dit artikel leggen we uit wat het verschil is, welke vennootschapsvormen onder welke categorie vallen, en wat de fiscale, juridische en administratieve gevolgen zijn.

Vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid

Bij deze vennootschapsvormen is het risico voor de aandeelhouders beperkt tot hun inbreng in de vennootschap. Met andere woorden: als de onderneming failliet gaat, ben je in principe niet persoonlijk aansprakelijk voor de schulden. Let wel: die bescherming is niet absoluut. Bij een ontoereikend financieel plan kan een oprichter binnen drie jaar na oprichting toch persoonlijk aansprakelijk worden gesteld (oprichtersaansprakelijkheid, art. 5:16 WVV), en bestuurdersfouten kunnen apart worden gesanctioneerd.

Voorbeelden van vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid:

Vennootschappen met onbeperkte aansprakelijkheid

Bij vennootschappen met onbeperkte aansprakelijkheid kunnen de vennoten wel persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor de schulden van de vennootschap. Dat betekent dat schuldeisers in bepaalde gevallen aanspraak kunnen maken op je privevermogen.

Belangrijke nuance bij de commanditaire vennootschap (CommV): die kent twee soorten vennoten. De gecommanditeerde (stille) vennoot brengt enkel kapitaal in en is slechts aansprakelijk tot het bedrag van zijn inbreng, op voorwaarde dat hij zich niet met het bestuur inlaat. De beherende vennoot die de vennootschap bestuurt, is daarentegen onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijk. Een CommV combineert dus beide regimes; een vennootschap onder firma (VOF) heeft uitsluitend onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijke vennoten.

Voorbeelden van vennootschappen met (geheel of gedeeltelijk) onbeperkte aansprakelijkheid:

Zijn er fiscale verschillen?

Fiscaal ligt het verschil veel minder scherp dan het juridische. Een VOF en een CommV zijn in principe onderworpen aan de vennootschapsbelasting (art. 179 WIB 92), net als een BV of NV. Ze delen dus in beginsel hetzelfde tarief en dezelfde regelingen zoals VVPR-bis en de liquidatiereserve. De keuze tussen deze vormen maak je daarom zelden op basis van het belastingtarief, maar op basis van het juridische en administratieve luik (aansprakelijkheid en neerleggingsplicht).

De belangrijkste fiscale kaders die voor al deze vennootschapsvormen gelden in 2026:

  • Vennootschapsbelasting: het standaardtarief bedraagt 25%. Kleine vennootschappen kunnen genieten van het verlaagd KMO-tarief van 20% op de eerste 100.000 euro winst, maar enkel als aan de voorwaarden is voldaan, waaronder een minimale bedrijfsleidersbezoldiging van 50.000 euro per jaar (art. 215 WIB 92). Wordt die drempel niet gehaald, dan geldt 25% op de volledige winst. Starters zijn de eerste vier boekjaren van deze bezoldigingsvoorwaarde vrijgesteld.
  • VVPR-bis: onder dit gunstregime kan de roerende voorheffing op dividenden dalen tot een eindtarief van 18% (in plaats van het standaardtarief van 30%). Dat verlaagde tarief is geen automatisme: het geldt pas op dividenden uitgekeerd vanaf het vierde volledige boekjaar na inbreng, geldt enkel voor kleine vennootschappen die aan de statutaire VVPR-bis-voorwaarden voldoen, en kent een tussenstap van 20% in het derde boekjaar (art. 269 §2 WIB 92).
  • Liquidatiereserve: een kleine vennootschap kan winst reserveren mits een afzonderlijke aanslag van 10% bij de aanleg (art. 184quater WIB 92). Wordt die reserve na een wachttijd van drie jaar uitgekeerd, dan is nog slechts 9,8% roerende voorheffing verschuldigd (art. 269 §1, 8° WIB 92). Bij uitkering binnen de wachttijd geldt het hogere tarief; bij uitkering naar aanleiding van vereffening is er geen bijkomende voorheffing.

Deze cijfers zijn richtinggevend en hangen af van je concrete situatie en boekjaren. Wil je weten wat in jouw dossier fiscaal het gunstigst is, doorloop dan onze digitale intake of plan een betaald adviesgesprek met een erkend fiscaal accountant (zie onderaan).

Wat zijn de juridische gevolgen?

Hier zit het duidelijkste verschil tussen beide types:

  • Bij een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (zoals een BV of NV) blijft het risico in beginsel beperkt tot het vermogen van de vennootschap zelf. Je privevermogen blijft buiten schot, behoudens uitzonderingen zoals oprichters- of bestuurdersaansprakelijkheid.
  • Bij een vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid (VOF, of de beherende vennoot van een CommV) kunnen vennoten ook privé worden aangesproken bij financiele problemen. Je riskeert dan met je persoonlijk vermogen op te draaien voor schulden die in de vennootschap worden opgebouwd.

Wat zijn de administratieve verplichtingen?

Ook op administratief vlak zijn er duidelijke verschillen:

  • Beperkte aansprakelijkheid: jaarrekening verplicht neerleggen
    Omdat schuldeisers enkel het vennootschapsvermogen kunnen aanspreken, moet een BV of NV jaarlijks een jaarrekening neerleggen bij de Nationale Bank van België. Zo kunnen derden (zoals banken, leveranciers of partners) de financiele gezondheid van de vennootschap inschatten. Een hoge schuldenlast of beperkte liquiditeit kan dan een waarschuwing zijn voor een verhoogd risico.
  • Onbeperkte aansprakelijkheid: in de regel geen neerleggingsplicht
    Bij een VOF of CommV is die neerlegging in principe niet verplicht. De reden: schuldeisers kunnen zich ook richten tot het privevermogen van de onbeperkt aansprakelijke vennoten, wat volgens de wetgever voldoende waarborg biedt. Op deze regel bestaat echter een belangrijke uitzondering: is minstens één onbeperkt aansprakelijke vennoot zelf een kapitaalvennootschap (bijvoorbeeld een BV), dan geldt de neerleggingsplicht wél. In dat geval verdwijnt het administratieve voordeel grotendeels.

Samengevat

Bij vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid (BV of NV) loop je als oprichter in principe enkel risico tot het bedrag dat je in de vennootschap hebt ingebracht. Je privevermogen blijft in de regel beschermd, en daarom moet je jaarlijks een jaarrekening neerleggen zodat derden de financiele gezondheid van je bedrijf kunnen inschatten.

Bij vennootschappen met onbeperkte aansprakelijkheid (VOF, of de beherende vennoot van een CommV) kunnen schuldeisers zich ook richten tot je persoonlijk vermogen. Omdat dat extra waarborg biedt, is er in de regel geen verplichting tot neerlegging van een jaarrekening, tenzij een onbeperkt aansprakelijke vennoot zelf een kapitaalvennootschap is. Fiscaal worden deze vennootschapsvormen grotendeels gelijk behandeld, want ze vallen allemaal onder de vennootschapsbelasting; het echte onderscheid ligt dus in het juridische en administratieve luik.

Wil je de vormen naast elkaar zien? Vergelijk de vennootschapsvormen op aansprakelijkheid voor je kiest.

Wil je advies over de juiste vennootschapsvorm voor jouw situatie, of hulp bij de oprichting van je bedrijf? Doorloop onze digitale intake of plan een betaald adviesgesprek (€100 excl. btw per uur) met een erkend ITAA-accountant. Zo krijg je een onderbouwd advies op maat in plaats van een algemene vergelijking.

Compliance & review

  • Laatste review: 6 juli 2026
  • Reviewer: Vincent, met fiscale-review door Nathalie
  • Bronnen: onderwerping vennootschapsbelasting (art. 179 WIB 92); verlaagd KMO-tarief en bezoldigingsvoorwaarde (art. 215 WIB 92); VVPR-bis (art. 269 §2 WIB 92); liquidatiereserve, aanleg en uitkering (art. 184quater en art. 269 §1, 8° WIB 92); oprichtersaansprakelijkheid (art. 5:16 WVV); aansprakelijkheid en neerleggingsplicht vennootschapsvormen (WVV).
  • Voorbehoud: Dit artikel is informatief en geen juridisch of fiscaal advies op maat. De vermelde tarieven en voorwaarden zijn richtinggevend voor 2026 en houden geen rekening met je individuele situatie. Neem voor jouw specifieke geval contact op met een ITAA-erkend accountant.

Vincent Meesters
Ondernemer en fiscaal accountant